Algemene voorwaarden Bovag en Accent

ALGEMEEN BOVAG

1. Deze Algemene Voorwaarden van BOVAG-afdeling Verkeersopleidingen zijn

tot stand gekomen in overleg met de Consumentenbond en de ANWB in

het kader van de Coordinatiegroep Zelfregulering (CZ) van de Sociaal-

Economische Raad en treden in werking per 1 november 2006.

De CZ stelt het op prijs indien zulks bij een citaat uit deze Algemene

Voorwaarden vermeld wordt.

2. Deze Algemene Voorwaarden maken deel uit van alle overeenkomsten,

gesloten tussen verkeersscholen welke leden zijn van de afdeling

Verkeersopleidingen van BOVAG en hun leerlingen.

3. In de lesovereenkomst wordt nadere invulling gegeven aan hetgeen

verkeersschool en leerling overeenkomen. Hierin wordt een keuze gemaakt

voor een theorie-opleiding en/of een standaard praktijkopleiding en/of

een praktijkpakket-opleiding en/of een chauffeursopleiding en/of een

andere opleiding.

De Algemene lesvoorwaarden maken onderdeel uit van de

lesovereenkomst. De lesovereenkomst zal schriftelijk worden aangegaan.

Artikel 1 - Verplichtingen verkeersschool

De verkeersschool is verplicht er zorg voor te dragen:

1. dat les wordt gegeven door instructeurs, die voldoen aan de bepalingen

van de Wet Rij-onderricht Motorrijtuigen (WRM);

2. dat de leerling zo veel mogelijk rijonderricht ontvangt van dezelfde

instructeur;

3. dat hij de leerling periodiek en in ieder geval eens per vijf lessen

informatie geeft over de progressie van de leerling en de voortgang in

relatie tot de exameneisen;

4. dat de aanvraag voor het onderzoek naar de rijvaardigheid (verder: het

onderzoek) door de verkeersschool - onder voldoening van de daarvoor

geldende bedragen en onder overlegging van de benodigde bescheiden -

daadwerkelijk is ingediend bij, of in het aanvraagbestand is ingevoerd

van, de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR), de

Contactcommissie Chauffeursvakbekwaamheid (CCV), of het Bureau

Nader Onderzoek Rijvaardigheid (BNOR), uiterlijk twee weken na de datum

waarop in overleg met de leerling is besloten dat het onderzoek naar de

rijvaardigheid kan worden aangevraagd en waarop de leerling de kosten

van het onderzoek aan de verkeersschool heeft voldaan;

5. dat de leerling, die via de verkeersschool het onderzoek heeft aangevraagd,

op de datum en tijd waarvoor hij/zij is opgeroepen door het CBR, de CCV,

of het BNOR tot het afleggen van een onderzoek de beschikking heeft

over hetzelfde lesvoertuig als waarin hij de rijlessen heeft ontvangen, dan

wel tenminste over een lesvoertuig van hetzelfde of gelijkwaardige type;

6. dat de tijdsduur van de te geven rijles, zoals overeengekomen in de

lesovereenkomst, volledig wordt benut voor het geven van rijles;

7. dat er een verzekering is afgesloten, welke in ieder geval een dekking

biedt van

1.134.450,50 tegen aansprakelijkheid van de verkeersschool

 

jegens de leerling;

8. de leerling te wijzen op het feit dat eventuele medische klachten,

waarvan hij/zij redelijkerwijs kan verwachten dat deze van invloed

kunnen zijn op de bevoegdheid een motorvoertuig te besturen, van

invloed kunnen zijn op de aanvraag en het doen van een onderzoek;

9. de leerling te wijzen op het feit dat op grond van de verblijfsstatus

wordt bepaald of een rijbewijs kan worden afgegeven;

10. de leerling te wijzen op het feit dat, zodra er sprake is van een

ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen,

hij aan de verkeersschool hiervan melding moet maken.

 

Artikel 2 - Verplichtingen leerling

De leerling is verplicht:

1. zich te houden aan de door de verkeersschool op de lesafsprakenkaart

schriftelijk vastgelegde afgesproken datum, tijd en plaats voor de rijles

(door de verkeersschool wordt een wachttijd van 15 minuten in acht

genomen) en bij niet verschijnen op het afgesproken lesuur zonder

tijdige afzegging, de volledige lesprijs te voldoen;

2. de volledige lesprijs te voldoen indien de rijles wordt afgezegd binnen

72 uur voor de op de lesafsprakenkaart afgesproken tijd. Zaterdagen,

zondagen alsmede erkende feestdagen worden niet meegerekend in deze

72 uur. Afzegging dient tijdens de kantooruren van de verkeerschool te

gebeuren en dient persoonlijk op het kantoor van de verkeersschool of

telefonisch te worden gedaan. Een te laat afgezegde les wordt niet in

rekening gebracht bij afzeggen vanwege een dringende reden waaronder

wordt verstaan een ernstig ongeval, ernstige ziekte of overlijden van de

leerling, alsmede een ernstig ongeval, ernstige ziekte van familie in de 1e

en 2e graad of overlijden van een familielid in de 1e en 2e graad.

Huisgenoten welke volgens het bevolkingsregister staan ingeschreven

op hetzelfde adres als de leerling worden gelijk gesteld met familieleden

in de 1e en 2e graad;

3. alle aanwijzingen van de rij-instructeur tijdens de rijlessen op te volgen;

4. het met de verkeersschool overeengekomen lesschema, zoals bijvoorbeeld

de aan te leren lesonderdelen en het aantal te volgen rijlessen per week,

tot aan de datum van ieder onderzoek, na te komen;

5. bij een onderzoek naar de rijvaardigheid (theorie-examen, tussentijdse

toets of andere deeltoets, rijexamen en Nader Onderzoek een geldig

legitimatiebewijs en indien vereist een geldig theoriecertificaat

(of geldig vervangend document) te overleggen;

6. eventuele medische klachten, waarvan hij/zij redelijkerwijs kan verwachten

dat deze van invloed kunnen zijn op de bevoegdheid een motorvoertuig

te besturen, tijdig af te stemmen met het examenbureau voordat de

rijopleiding wordt aangevangen. Indien de leerling nalaat dit te doen

en de rijopleiding daardoor moet worden onderbroken of afgebroken,

kan de verkeersschool hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld;

7. zich ervan te overtuigen dat hij, indien vereist, een uittreksel uit het

bevolkingsregister kan verkrijgen hetgeen nodig is voor het afleggen

van het examen. De verkeersschool kan er niet aansprakelijk voor worden

gesteld indien de leerling geen examen kan doen als gevolg van het

ontbreken van het genoemde uittreksel;

8. te melden indien sprake is van ontzegging van de bevoegdheid tot het

besturen van motorrijtuigen. Indien de leerling nalaat dit te vermelden,

kan de verkeersschool niet aansprakelijk worden gesteld.

Artikel 3 - Betaling

1. De verkeersschool is gerechtigd een bedrag aan inschrijvingsgeld/

administratiekosten in rekening te brengen. De leerling dient deze

kosten voor aanvang van de eerste les contant te voldoen.

2. Tenzij schriftelijk uitdrukkelijk anders wordt overeengekomen, moet

betaling van het lesgeld en de kosten, verbonden aan de individueel

of in groepsverband te volgen theorielessen, per rijles respectievelijk

theorieles contant worden voldaan. De kosten van de noodzakelijke

leerboeken en ander lesmateriaal ten behoeve van de praktijk- en/of

theorielessen dienen bij het afleveren van die zaken contant te worden

voldaan, tenzij schriftelijk anders overeengekomen.

3. De verkeersschool is gerechtigd tijdens de duur van de lesovereenkomst

de lesprijs te verhogen. Dit geldt niet indien sprake is van een pakketprijs,

met uitzondering van een door de minister tussentijds vastgestelde

verhoging van examengelden. De leerling heeft in dat geval het recht

om de lesovereenkomst schriftelijk te ontbinden, van welke bevoegdheid

hij gebruik kan maken tot twee weken na kennisneming van de prijsverhoging.

4. Indien contant dient te worden betaald en deze betaling blijft uit, dan

ontvangt de leerling 14 dagen na de achterstand c.q. 2 lessen nadat de

achterstand was opgetreden een factuur. De verkeersschool is gerechtigd

het bedrag van de achterstand te verhogen met administratiekosten.

5. Indien leerling 7 dagen na de termijn genoemd in het vorige lid nog niet

heeft betaald, kan de verkeersschool de leerling schriftelijk in gebreke

stellen waarna hij door verloop van 7 dagen in verzuim is. Alsdan wordt

over het nog openstaande bedrag rente berekend. Het rentepercentage

bedraagt de wettelijke rente. Het resterende gedeelte van de maand vanaf

het moment waarop de betaling had moeten plaatsvinden, wordt als

gehele maand aangemerkt.

6. Deze verhoging van het verschuldigde bedrag wordt beschouwd als een

voorwaarde, waaronder door de verkeersschool uitstel van betaling is

verleend, zonder dat daarmee de verplichting van de leerling tot contante

betaling c.q. tot betaling per het overeengekomen tijdstip komt te

vervallen.

7. Indien de leerling in verzuim blijft het verschuldigde bedrag te betalen,

dan kan de verkeersschool de vordering ter incasso uit handen geven

aan een derde. Alsdan is de verkeersschool gerechtigd het verschuldigd

bedrag met incassokosten te verhogen. Deze incassokosten omvatten

zowel de gerechtelijke als de buitengerechtelijke kosten.

Buitengerechtelijke kosten zijn alle kosten die aan de verkeersschool in

rekening worden gebracht door advocaten, procureurs, deurwaarders en

ieder ander van wie de verkeersschool zich bedient voor de invordering

van het verschuldigde bedrag. De buitengerechtelijke kosten worden

vastgesteld op ten minste 15% van het verschuldigde bedrag, tenzij de

leerling aannemelijk maakt dat de verkeersschool minder schade lijdt.

8. Indien de leerling in verzuim blijft het verschuldigde bedrag te betalen, is

de verkeersschool gerechtigd tot opzegging van de overeenkomst

over te gaan wanneer de leerling schriftelijk in gebreke is gesteld en in

verzuim is door verloop van de bij ingebrekestelling gestelde termijn.

Deze termijn dient een redelijke termijn te zijn. De verkeersschool dient

de leerling van de opzegging schriftelijk in kennis te stellen.

Artikel 4 - Aanvraag onderzoek naar de rijvaardigheid (praktijkexamen,

tussentijdse toets of andere deeltoets), verder te noemen: het onderzoek

1. Tenzij schriftelijk uitdrukkelijk anders is overeengekomen dienen de

kosten van of ten behoeve van de aanvraag van het onderzoek gelijktijdig

met de invulling van de aanvraag en de eigen verklaring (of het verstrekken

van de laatste) contant aan de verkeersschool te worden voldaan.

2. Veertien dagen na de datum van invulling en betaling van de aanvraag

van het onderzoek heeft de leerling recht op inzage in zijn/haar gegevens

in het aanvraagbestand van de verkeersschool waaruit blijkt dat zijn/haar

aanvraag van het onderzoek bij het CBR, de CCV, of het BNOR is ingediend.

3. Indien het onderzoek geen doorgang vindt omdat de leerling niet of te

laat op het onderzoek verschijnt en dit niet te wijten is aan de verkeersschool,

of omdat de leerling geen vereiste, geldige documenten kan

tonen, dan zijn de kosten voor aanvraag van een nieuw onderzoek

voor rekening van de leerling.

4. Indien het onderzoek geen doorgang vindt wegens vakantie van de

leerling en de vakantieperiode bij de aanvraag van het onderzoek aan

de verkeersschool is opgegeven dan zijn de kosten voor de aanvraag

van een nieuw onderzoek voor rekening van de verkeersschool.

5. De verkeersschool is na mondelinge of schriftelijke aankondiging

gerechtigd tussentijdse prijswijzigingen van het theorie- en

praktijkgedeelte van het onderzoek door te berekenen en is verplicht op

verzoek van de leerling een schriftelijke specificatie van die prijswijziging

te geven. Dit geldt niet indien sprake is van een pakketprijs, met

uitzondering van een door de minister tussentijdse vastgestelde

verhoging van examengelden.

Artikel 5 - Onderzoek naar de rijvaardigheid

1. Indien het CBR, de CCV of het BNOR het onderzoek wegens slechte weersomstandigheden

op de afgesproken tijd geen doorgang laat vinden, dan

kan de verkeersschool de leerling het lesgeld van één rijles in rekening

brengen voor het opnieuw vastgesteld onderzoek.

2. Indien de leerling het onderzoek niet kan aanvangen of voltooien als

gevolg van het feit dat:

a. sprake is van een dringende reden zoals vermeld in artikel 2 lid 2;

b. het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd niet

ter beschikking is en geen lesvoertuig van hetzelfde of gelijkwaardig

type ter beschikking is;

c. het lesvoertuig, waarmee het onderzoek dient te worden afgelegd, door

de examinator van het CBR of de CCV of de deskundige van het BNOR

wordt afgekeurd en geen vervangend lesvoertuig van hetzelfde of

gelijkwaardig type beschikbaar is; zal de verkeersschool ervoor zorgen

dat voor de leerling een nieuw onderzoek wordt aangevraagd, indien de

leerling dit wenst. De verkeersschool staat ervoor in dat het aanvragen

van het onderzoek alsdan geschiedt zonder kosten voor de leerling.

3. In de in het tweede lid genoemde gevallen garandeert de verkeersschool

bovendien dat de leerling, indien hij/zij opnieuw onderzoek wil aanvragen,

drie gratis rijlessen ontvangt. Dit is niet van toepassing indien het een

nieuwe aanvraag betreft van een tussentijdse toets of andere tussentijdse

deeltoetsen.

Artikel 6 - Beëindiging van de lesovereenkomst

1. Indien de lesovereenkomst niet is aangegaan voor een vast aantal lessen

dan wel niet is aangegaan voor een vaste periode kan de lesovereenkomst

door zowel de leerling als de verkeersschool worden opgezegd met inachtneming

van een opzegtermijn van één maand en wel tegen de eerste dag

van een kalendermaand. Indien er sprake is van een reeds vooruitbetaald

bedrag heeft de leerling in dit geval recht op restitutie van een eventueel

vooruitbetaald bedrag, onder aftrek van het reeds aan CBR, CCV of BNOR

betaalde examengeld, reeds genoten rijlessen alsmede administratiekosten.

De leerling is niet verplicht gedurende deze opzegtermijn lessen

te volgen, mits is voldaan aan het gestelde in artikel 2 lid 2.

2. Indien de lesovereenkomst is aangegaan voor een vast aantal lessen of

voor een vast overeengekomen periode (bv. een pakketopleiding), kan

de leerling de lesovereenkomst slechts beëindigen indien er sprake is van

dringende redenen zoals vermeld in artikel 2 lid 2. Bij beëindiging om

dringende redenen is de leerling gehouden de prijs voor de reeds genoten

lessen vermeerderd met de prijs van één lesuur, alsmede de administratiekosten,

alsmede het door de verkeersschool al afgedragen examengeld

(CBR-, CCV, of BNOR gedeelte) te vergoeden. Indien er sprake is van een

reeds vooruitbetaald bedrag heeft de leerling in dit geval recht op restitutie

van een eventueel vooruitbetaald bedrag, onder aftrek van het reeds

aan CBR, CCV of BNOR betaalde examengeld, reeds genoten rijlessen, een

vergoeding van de prijs van één lesuur alsmede administratiekosten.

3. De verkeersschool kan de lesovereenkomst, aangegaan voor een vast

aantal lessen dan wel voor een vaste periode, slechts beëindigen om

dusdanig dringende redenen, dat van de verkeersschool redelijkerwijs niet

verwacht kan worden deze te continueren, onder de terugbetaling aan de

leerling van die (les)gelden, waarvoor de verkeersschool nog niet heeft

gepresteerd, onverminderd de in artikel 7 dezer overeenkomst gemelde

mogelijkheid van de leerling zich te wenden tot het aldaar genoemde

bemiddelingsbureau.

4. Bij beëindiging van de lesovereenkomst heeft de leerling in alle gevallen

recht op restitutie van aan de verkeersschool betaalde examengelden ter

hoogte van het door het CBR, de CCV of het BNOR vastgestelde tarief,

voor zover de verkeersschool deze gelden nog niet heeft afgedragen aan

het CBR, de CCV of het BNOR.

5. De eerste rijles wordt gezien als een vrijblijvende proefles - tegen

gangbaar lestarief - bij de instructeur die de lessen gaat geven. Indien

de leerling na deze les geen verdere rijlessen bij de verkeersschool wil

volgen, informeert de leerling de verkeersschool per brief/fax/e-mail over

zijn besluit en wel binnen vijf werkdagen of in ieder geval voor de

volgende rijles.

Artikel 7 - Bemiddelings- en Geschillenregeling

1. Bemiddeling

a. De leerling kan, indien er geschillen ontstaan tussen hem/haar en de

verkeersschool terzake van de in de artikelen 1 t/m 6 van de in deze

voorwaarden bedoelde verplichtingen, een beroep doen op bemiddeling.

b. De bemiddeling wordt verleend door het BOVAG Bemiddelingsbureau,

Postbus 1100, 3980 DC te Bunnik, tel.nr. 0900-2692268 (35 eurocent

per minuut) nadat leerling zich eerst tot de verkeersschool heeft

gewend en dit niet heeft geleid tot een oplossing van het geschil.

Dit bureau zal in het geschil bemiddelen en trachten het geschil in

der minne op te lossen volgens een reglement dat de partijen bij het

geschil vooraf ter kennis wordt gebracht.

c. Het beroep op bemiddeling moet schriftelijk of telefonisch worden

gedaan binnen een periode van twee weken nadat het geschil is

ontstaan.

d. Indien bemiddeling naar de mening van de leerling niet tot een

bevredigende oplossing leidt c.q. indien de verkeersschool de bij de

bemiddeling geadviseerde oplossing van het geschil niet volgt, kan,

onverminderd de bevoegdheid van de burgerlijke rechter, het geschil

op schriftelijk verzoek van de leerling worden onderworpen aan een

voor beide partijen bindend advies.

2. Geschillenregeling

a. De leerling kan, als de in lid 1 genoemde bemiddelingspoging niet is

geslaagd, of als leerling niet de voorkeur aan een bemiddeling geeft,

bij geschillen tussen hem/haar en de verkeersschool terzake van de

in de artikelen 1 t/m 6 van de in deze voorwaarden bedoelde

verplichtingen het geschil aanhangig maken bij de Geschillencommissie

Rijopleidingen van de Stichting Geschillencommissies,

p/a Postbus 90600, 2509 LP te Den Haag

(bezoekadres Bordewijklaan 46, 2591 XR te Den Haag).

b. In het geval dat bemiddeling door het BOVAG-bemiddelingsbureau

heeft plaatsgehad, dient de leerling het geschil binnen zes weken na

ontvangst van het bericht dat de bemiddeling geen resultaat heeft

gehad, bij de Geschillencommissie aanhangig te maken. Indien geen

bemiddeling door het BOVAG-bemiddelingsbureau heeft plaatsgehad

dient leerling het geschil, uiterlijk drie maanden nadat het is gerezen,

bij de Geschillencommissie aanhangig te maken.

c. De Geschillencommissie Rijopleidingen doet uitspraak met inachtneming

van de bepalingen van het voor haar geldende reglement bij wege

van bindend advies. Het reglement wordt desgevraagd toegezonden.

Voor de behandeling van een geschil is een vergoeding verschuldigd.

d. Voor de behandeling van het geschil door de Geschillencommissie is

leerling een vergoeding verschuldigd.

e. Een uitspraak van de Geschillencommissie Rijopleidingen zal in rechte

niet aantastbaar zijn, indien meer dan twee maanden na de verzending

ervan zijn verstreken en geen beroep op de gewone rechter is gedaan.

De garantstelling van BOVAG betreft een door BOVAG uit te keren

bedrag van maximaal

454,- tegen cessie van de vordering van

 

leerling. Bij bedragen groter dan

 

454,- per geschil, keert BOVAG

 

onder dezelfde voorwaarden het maximale bedrag van

 

454,- uit

 

aan leerling. Voor het meerdere wordt leerling aangeboden om zijn

vordering aan BOVAG te cederen, waarna BOVAG de betaling daarvan

zo nodig in rechte zal vragen .

f. De garantstelling bedoeld onder sub e geldt niet indien een rechter

het bindend advies vernietigt. In geval van faillissement, surseance van

betaling of bedrijfsbeëindiging van verkeersschool keert BOVAG alleen

een bedrag tot maximaal

 

454,- per geschil uit en geldt de garantstelling

 

alleen als leerling het geschil bij de Geschillencommissie

Rijopleidingen aanhangig heeft gemaakt voordat van een dergelijke

situatie sprake is.

g. Plaatsgevonden bemiddeling staat niet in de weg aan een beroep op

geschilbeslechting door de gewone rechter. Indien leerling evenwel

de zaak aan de Geschillencommissie Rijopleidingen heeft voorgelegd,

hebben partijen nog slechts de mogelijkheid de uitspraak van de

Geschillencommissie ter marginale toetsing aan de gewone rechter

voor te leggen, tenzij de Geschillencommissie zich onbevoegd of niet

ontvankelijk heeft verklaard.

 

Artikel 8 - Vrijwaring

1. De verkeersschool vrijwaart de leerling voor kosten voortvloeiende uit

overtredingen die deze onder toezicht heeft gepleegd, alsmede voor

aanspraken van derden als gevolg van botsing, aan- of overrijdingen

tijdens de rijles alsmede tijdens het onderzoek, met uitzondering van

die voorvallen die het gevolg zijn van opzet en/of grove schuld van de

leerling, alsmede bij het gebruik door de leerling van alcohol, verdovende

middelen of geneesmiddelen die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden.

2. Indien de leerling, ondanks zijn/haar verklaring, dat hem/haar bij

rechterlijke uitspraak niet de bevoegdheid is ontzegd motorvoertuigen

te besturen noch zijn/haar rijbewijs is ingevorderd, toch rijles neemt

en indien de opgave onjuist is, vrijwaart de leerling de verkeersschool

volledig en zal eventueel terzake de opgelegde boetes geheel vergoeden,

alsmede alle andere financiële consequenties geheel overnemen.

Artikel 9 - Persoonsgegevens

De persoonsgegevens van de leerling die worden vermeld op de lesovereenkomst

worden door de verkeersschool verwerkt, mogelijk in de zin van de Wet

Bescherming Persoonsgegevens (Wbp). Aan de hand van deze verwerking kan

de verkeersschool: de overeenkomst uitvoeren, leerling een optimale service

verlenen en verplichtingen jegens de leerling nakomen, hem tijdig voorzien

van actuele rijles-informatie en hem gepersonaliseerde aanbiedingen doen.

Daarnaast kunnen de persoonsgegevens beschikbaar gesteld worden aan

derden ten behoeve van direct marketingactiviteiten. Tegen verwerkingen

van persoonsgegevens in de zin van de Wbp ten behoeve van direct mailing

activiteiten wordt het eventueel door leerling bij verkeersschool aan te

tekenen verzet gehonoreerd.

november 2006

ALGEMENE VOORWAARDEN BEHORENDE BIJ DE LESOVEREENKOMST VAN BOVAG AFDELING VERKEERSOPLEIDINGEN
 
AANVULLENDE VOORWAARDEN ACCENT
 
Afgesproken rijlessen kunnen tot uiterlijk 72 uur voor
 
aanvang van de les geannuleerd worden,
 
zon en feestdagen niet meegerekend. Bij te late afzegging
 
moeten wij helaas de les in rekening
 
brengen. Bij mondelinge of schriftelijke inschrijving
 
bent u verplicht de algehele som, eventueel
 
in termijnen te voldoen. Dit geldt ook bij vroegtijdige
 
beeindiging van de cursus van welke aard dan ook.
 
Bij annulering van een cursus of spoedcursursus bent
 
u verplicht 30% van desbetreffende cursus te voldoen.
 
De instructeur is gerechtigd een leerling voor een
 
spoedcursus te weigeren, de instructeur bepaalt
 
wanneer de leerling aan het praktijkexamen toe is,
 
dit in goed overleg met de leerling.
 
Bij het niet behalen van het eerste praktijkexamen
 
dient u minimaal 1 les per week te volgen
 
tot aan het herexamen, bij ziekte of vakantie moet
 
u deze les op een ander tijdstip inhalen.
 
Dit dient dan wel te geschieden voor de datum van herexamen.
 
Indien een instructeur door omstandigheden zijn lessen
 
binnen twee maanden kan vervolgen heeft u recht op
 
teruggave van het resterende lesgeld. Indien een cursist,
 
na betaling van een cursus deze niet binnen twee
 
start of vervolgt, vervalt het recht op deze cursus.
 
Indien tijdens het praktijkexamen schade ontstaat
 
door eigen schuld geldt er een eigen risico van
 
300 euro. Deze is ook van toepassing op ernstige
 
nalatigheid van de leerling tijdens het
 
nemen van de rijlessen.
 
Met vriendelijk groet,
 
Namens eigenaar Auto-en motorrijschool Accent
 
P.C. van Berge
 
RIJSCHOOL ACCENT WENST U EEN PRETTIGE RIJ-OPLEIDING!